ZZP’er over de grens: waar en hoeveel belasting en premies wilt u betalen?

Indien u vragen heeft over onderstaand artikel neemt u dan contact op met onze Rotterdamse vestiging.

In Nederland zijn steeds meer ‘zelfstandigen zonder personeel’ (zzp’ers). Deze toename wordt enerzijds ingegeven door de wens om meer vrijheid te hebben dan wel de eigen inkomsten te bepalen. Anderzijds blijken er in tijden van economische neergang meer zelfstandigen bij te komen. In combinatie met een verhevigde concurrentie doet dit menig zzp’er besluiten ook over de grens te kijken.

Dat het over de grens kijken gevolgen heeft voor de heffing van belastingen en sociale zekerheidspremies is over het algemeen wel bekend. Dat het ook interessante mogelijkheden biedt om de totale belasting- en premiedruk zelf te sturen is minder bekend. Een beschouwing.

Als ondernemer kwalificeren
Zzp is geen aparte rechtsvorm, de inschrijving bij de Kamer van Koophandel is eenvoudigweg als eenmanszaak. De inkomsten van een zzp’er worden belast met inkomstenbelasting.

Alleen als de zzp’er voor de inkomstenbelasting als ondernemer kwalificeert kan hij gebruik maken van een aantal fiscale ondernemersfaciliteiten. Hierdoor kan de belastingdruk van een zzp’er aanmerkelijk lager zijn dan die van een werknemer met een gelijk bruto inkomen. Of de zzp’er als ondernemer kwalificeert is van een aantal factoren afhankelijk, waaronder de hoogte van de verdiensten, het aantal klanten en het al dan niet lopen van ondernemersrisico.

Verklaring arbeidsrelatie
Omdat de fiscale ondernemersfaciliteiten substantieel zijn, is het voor de zzp’er cruciaal om als ondernemer te kwalificeren: als feitelijk wél sprake is van een werknemersrelatie met de opdrachtgever dan krijgt de zzp’er de fiscale faciliteiten niet!

Bovendien moet de opdrachtgever dan – mogelijk achteraf – loonbelasting en premies afdragen met betrekking tot de gefactureerde bedragen. Om dit te voorkomen zal de opdrachtgever de zzp’er daarom om een verklaring van zelfstandigheid vragen. Deze ‘verklaring arbeidsrelatie’ (var) wordt afgegeven door de belastingdienst.

Hieronder gaan we ervan uit dat sprake is van een echte zelfstandige.

Zzp’er zoekt het over de grens
Zoals gezegd blijken zzp’ers hun heil steeds vaker over grens te zoeken. Denk aan de IT’er die voor een Duitse cliënt werkt, soms maandenlang en wisselend vanuit huis en dan weer op de locatie van de cliënt.

Of denk aan het fotomodel dat de wereld afreist van opdracht naar opdracht of, dichter bij huis, de zelfstandig verpleegkundige die af en toe opdrachten in België verricht. En neem de zelfstandige internationale vrachtwagenchauffeur die net zo goed voor een buitenlandse als voor een Nederlandse opdrachtgever kan werken.

Er zijn genoeg voorbeelden. Overeenkomstige factor is dat de zzp’er in Nederland woont en (mede) voor buitenlandse cliënten werkt, in Nederland dan wel in het betreffende buitenland. We gaan er hieronder van uit dat de zzp’er de werkzaamheden voor een ondernemer verricht.

Gevolgen voor de btw
De btw krijgt de eerste aandacht. Als de zzp’er een dienst verricht aan een afnemer in een ander EU land dan wordt de dienst wat de btw betreft – uitzonderingen daargelaten – geacht plaats te vinden in het land van de afnemer. Er is dus buitenlandse btw verschuldigd over de dienst.

De Nederlandse zzp’er zou zich daarom in beginsel moeten aanmelden bij de buitenlandse belastingautoriteiten, buitenlandse btw op de factuur moeten vermelden en de buitenlandse btw afdragen.

Btw verlegd naar de afnemer
Omdat dit nogal onhandig is, is binnen de EU afgesproken dat de btw wordt ‘verlegd’ naar de afnemer. Niet de zzp’er maar de buitenlandse afnemer neemt de btw op in zijn aangifte. Tegelijkertijd brengt die afnemer de btw weer als voorbelasting in aftrek.

Deze methodiek ontlast de zzp’er maar die moet er dan wel voor zorgen dat de factuur aan bepaalde eisen voldoet. Zo is de vermelding ‘btw verlegd’ verplicht en moet het btw nummer van de afnemer op de factuur vermeld worden.

Alsnog btw betalen
Voldoet de zzp’er niet aan deze eisen, dan kan de Nederlandse belastingdienst achteraf stellen dat alsnog Nederlandse btw verschuldigd wordt. En zie dat bedrag maar eens te verhalen op je afnemer…

De verlegde omzet moet overigens wel gewoon worden opgegeven in de Nederlandse aangifte btw én deze zogenaamde ‘intracommunautaire diensten’ moeten ook nog eens worden gespecificeerd in een aparte ‘opgaaf ICP’.

Vindt de dienst plaats aan een afnemer buiten de EU dan geldt deze Europese verleggingsregeling overigens niet. Omdat de dienst wat de btw betreft – uitzonderingen daargelaten – weer geacht wordt plaats te vinden in het land van de afnemer kan de zzp’er nu btw verschuldigd zijn in het land van de afnemer, althans als dat land een vergelijkbare heffing met vergelijkbare regels kent.

Afhankelijk van de lokale wetgeving moet de inschrijving bij de belastingautoriteiten en de afdracht van belasting dan dus in dat land plaatsvinden. Deze omzet verschijnt niet in de Nederlandse aangifte btw.

Gevolgen voor de inkomstenbelasting
De inkomsten van de in Nederland woonachtige zzp’er voor in het buitenland verrichte werkzaamheden zijn in beginsel slechts belast in het woonland, Nederland dus.

Echter, bij de aanwezigheid van een ‘vast middelpunt’ in het werkland wijzen de meeste belastingverdragen de belastingheffing over die inkomsten toe aan dat werkland. Zo’n vast middelpunt kan bijvoorbeeld een eigen spreekkamer of kantoor zijn.

Maar ook zonder de aanwezigheid van een vast middelpunt wijzen sommige belastingverdragen de belastingheffing aan het werkland toe en wel bij een verblijf in het werkland van meer dan een aantal dagen in een bepaalde periode.

Criteria verblijf buitenland
Over het algemeen ligt de grens bij een verblijf van meer dan 183 dagen in een bepaalde 12-maandsperiode. Maar andere termijnen zijn ook mogelijk, zo hanteert Indonesië bijvoorbeeld een termijn van 91 dagen in een periode van 12 maanden. En bij werkzaamheden op het continentale plat (o.a. de Noordzee) kan een aaneengesloten periode van 30 dagen al voldoende zijn om onder de belastingheffing van het werkland te vallen.

Enkele belastingverdragen, waaronder die met Brazilië en enkele Aziatische landen, wijzen de belastingheffing zelfs aan het betreffende werkland toe als de betaling vanuit dat land plaatsvindt.

Inkomstenbelasting besparen
Wat denkwerk vooraf kan zich dik terugverdienen. Immers, als het buitenlandse belastingtarief substantieel lager is dan het Nederlandse (top)tarief kan het zeer voordelig zijn als de betreffende inkomsten in dat buitenland worden belast. Zelfs binnen Europa zijn er landen waar het maximale belastingtarief 10% bedraagt. Bovendien staan de buitenlandse inkomsten in beginsel niet in de weg aan de toepassing van de eerdere genoemde fiscale ondernemersfaciliteiten.

Daarom kan het voor de zzp’er fiscaal interessant zijn om in het betreffende buitenland over een vast middelpunt te beschikken dan wel een minimum aantal dagen in het betreffende buitenland door te brengen. Ook kan worden overwogen de dienstverlening op bepaalde landen te richten.

De grootte van het fiscale voordeel is wel mede afhankelijk van de wijze waarop Nederland de belastingaftrek ter voorkoming van dubbele belastingheffing berekent. Die berekening kan per belastingverdrag verschillend zijn.

Gevolgen voor de heffing van sociale zekerheidspremies
Naast de inkomstenbelasting is een belangrijk aandachtspunt de heffing van sociale zekerheidspremies. Voor de zzp’er betreft het alleen de volksverzekeringen (of de buitenlandse varianten daarop) dus de AOW, AWBZ en Anw. Daarnaast betreft het de zorgverzekeringswet (Zvw) welke aanhaakt bij het al dan niet verplicht verzekerd zijn voor de AWBZ.

Werknemersverzekeringen (WW, WAO, etc) gelden per definitie niet voor de zzp’er, voor deze risico’s dient hij zich immers al dan niet zelf te verzekeren.

Als zelfstandige werken in twee of meer lidstaten van de EU
Meest voorkomend is het verrichten van werkzaamheden in – inclusief Nederland – twee of meer lidstaten van de EU. Juist voor die situaties is binnen de EU afgesproken dat – uitzonderingen daargelaten – de volledige premieheffing slechts in één van de lidstaten mag plaatsvinden.

In het geval van werkzaamheden door een Nederlandse zzp’er in twee of meer lidstaten van de EU, is de wetgeving van het woonland (Nederland) van toepassing, althans als daar een ‘substantieel’ deel van de werkzaamheden wordt verricht. Substantieel betekent 25% of meer afgemeten aan de criteria omzet, arbeidstijd, aantal verleende diensten en/of het inkomen.

Is dit niet het geval, dan is de wetgeving van toepassing van de lidstaat waar zich het ‘centrum van belangen’ van de werkzaamheden bevindt. Dit kan betekenen dat de premieheffing over alle inkomsten – inclusief de Nederlandse – aan het buitenland wordt toegewezen.

Bij werkzaamheden buiten de EU geldt deze Europese regeling uiteraard niet. Wel is met een aantal landen een sociale zekerheidsverdrag gesloten. Per land zal moeten worden bekeken of er een verzekeringsplicht geldt in ieder van de landen, in één van de landen dan wel in geen van de landen.

Sociale zekerheidspremies: beste prijs-kwaliteit verhouding
Ook nu kan wat denkwerk vooraf nuttig zijn. In vergelijking met sommige andere landen zijn de Nederlandse premiebedragen fors. De premies volksverzekeringen bedragen maximaal zo’n EUR 10.500 per jaar en de Zvw bijdrage voor een zelfstandige maximaal zo’n EUR 4.800 per jaar. Uiteraard staan daar – anders dan bij de heffing van belastingen – ook directe tegenprestaties tegenover, namelijk de rechten op uitkeringen.

In andere landen geldt hetzelfde, maar wel met andere premiebedragen én andere hieruit voortvloeiende rechten. Afhankelijk van de mogelijkheid om de plaats van werkzaamheden te bepalen kan worden overwogen het centrum van belangen van de werkzaamheden daar te leggen waar de verhouding tussen prijs en kwaliteit van de sociale zekerheidswetgeving voor de betreffende zzp’er de voorkeur heeft. De premieheffing hoeft overigens niet parallel te lopen met de belastingheffing.

Vooraf nadenken
Voor de zzp’er die al dan niet gedwongen zijn neus over de grens steekt is het raadzaam vooraf de fiscale en sociale zekerheidsgevolgen van de te verrichten werkzaamheden in kaart te brengen. Indien mogelijk kan bijsturen grote financiële voordelen opleveren. Het zou zonde zijn daar later pas achter te komen…

Reacties